Een goed voornemen heeft alleen kans van slagen als je een actief plan maakt en dat meteen doorzet. Dat is te leren uit onderzoek aan de Radboud Universiteit van Nijmegen, waaruit ook blijkt dat de kans op succes het grootst is als een voornemen een eerste keer wordt gemaakt. Herhaalde pogingen van wat eerder faalde hebben niet veel zin.

Veel Nederlanders hebben te maken met ‘valse-hoop-syndroom’. Immers, maar 24% maakt uiteindelijk de goede voornemens waar. Dat blijkt uit onderzoek onder leiding van hoogleraar sociale psychologie prof. R. Vonk, die via internet een grote groep Nederlanders volgde. Van de groep van 2200 ondervraagden had meer dan de helft goede voornemens. Deze hadden vooral betrekking op de wens tot afvallen, meer bewegen, stoppen met roken, minder drinken of vermindering van stress.
Uit het onderzoek komt naar voren dat de voornemens alleen kans van slagen hebben bij een actieve rol. Voornemens die vereisen dat je iets gaat doen, bijvoorbeeld sporten, worden vaker uitgevoerd dan voornemens die vereisen dat je iets moet laten, zoals minder eten.
Het helpt om naar jezelf te kijken vanaf de buitenkant, net alsof je naar een ander kijkt. Door objectief te kijken zie je dan iemand die al meerdere malen heeft besloten om het komend jaar minder druk te hebben en bij wie dat steeds weer mislukt is.
Of je je goede plannen echt uitvoert, wordt bepaalt door alledaagse hindernissen. Zo kan een gezonde leefstijl worden belemmerd door tijdnood, andere mensen en sociale druk, verleiding die het streven in de weg te staan. Daarom maak je het beste een plan van uitvoering. Vertaal je voornemen in deelactiviteiten en noteer in je agenda wanneer, waar, met wie en hoe je wat gaat doen. Zo maak je jezelf bestand tegen afleiding en hindernissen.

(Zorgkrant, 04-01-2008)