Sommige rokers beweren dat ze dankzij sigaretten beter in staat zijn tot zich concentreren en zich dingen herinneren. Onderzoek zou op het tegendeel wijzen: jarenlang roken vermindert iemands redeneermogelijkheden, geheugen en concentratievermogen enigszins.

Dr. L. Walley van de universiteit Aberdeen constateerde dat mensen die rookten in de loop der jaren meer cognitieve achteruitgang meemaakten dan niet-rokers. Die achteruitgang werd gemeten met vijf verschillende op cognitieve functies (zoals aandacht en geheugen) gerichte tests.

In 1947 werden de cognitieve mogelijkheden voor het eerst onderzocht. Toen waren alle deelnemers aan het langlopende onderzoek 11 jaar oud. Tussen 2000 en 2002 spoorde het team 465 mensen van het eerste onderzoek op. Ze hadden toen de leeftijd van 64 jaar. Gevraagd werd naar de medische historie, alcohol- en sigarettengebruik. Daarnaast werden ook de cognitieve mogelijkheden bepaald met een uitgebreide toetsbatterij, waarbij bepaald werd hoe goed zij in staat waren tot redeneren, onthouden en leren, hoe snel zij informatie konden verwerken en besluiten nemen.

Rokers presteerden slechter dan niet-rokers na correctie voor allerlei factoren, zoals het IQ op 11-jarige leeftijd, opleiding, beroepsklasse en alcoholgebruik.

Dr. Walley berekende dat roken een kleine, maar significante invloed heeft op het cognitieve vermogen. Verondersteld wordt dat inhaleren van sigarettenrook schade toebrengt aan neuronen in de hersenen.

(Addictive Behaviors)