Er is een nieuwe aanwijzing voor de link tussen depressie en te weinig omega-3-vetzuren. Onderzoekers uit Israël hebben ontdekt dat bij ratten die symptomen van een depressie laten zien meer omega-6-vetzuur in de hersenen voorkomt.



visolieEr zijn nu meerdere studies die laten zien dat supplementen met visolie een gunstige werking hebben. Naast verlaging van de kans op hart- en vaatziekten en artritis is er ook bewijs dat de omega-3-vetzuren in vette vis depressie tegengaan.

In het nieuwe onderzoek werden de hersenen van depressieve ratten vergeleken met ratten zonder tekenen van depressie. Heel verassend was dus dat in de hersentjes van de depressieve ratten een verstoring te vinden was m.b.t. omega 6-vetzuur. Daardoor was de balans tussen omega-3- en omega-6-vetzuren vermoedelijk verstoord. Omega-6-vetzuren komen overigens voor in bijna elke plantaardige olie en in vlees.

De omega-3-vetzuren EPA en DHA zitten vooral in vette vis (makreel, zalm, sardines, haring, tonijn) en in visoliën. Sommige wetenschappers beweren dat de hedendaagse voeding teveel omega-6 vetzuren (linolzuur en arachidonzuur) bevat t.o.v. de omega-3-vetzuren.



coverIn een Nederlands onderzoek in 2003 vergeleek men 264 personen van 60 jaar en ouder die leden aan depressies met 461 mensen zonder symptomen van depressiviteit. Voor mensen bij wie geen aderverkalking was vastgesteld gold (net zoals in de recete rattenstudie) dat depressieve personen een hoger gehalte omega-6 vetzuren t.o.v. omega-3 vetzuren hadden dan niet depressieve personen en lagere gehaltes omega-3 vetzuren.

Hieruit concluderen de onderzoekers dat het verband dat bestaat tussen lage gehaltes omega-3 vetzuren en depressies niet veroorzaakt wordt doordat zij vaker lijden aan artherosclerose en andere ontstekingsziektes maar door een direct effect op het humeur van de vetzuren uit vis.

(Journal of Lipid Research, juni 2005)