Mensen die hun relatie met anderen zien als totaal goed of helemaal niets, dus zonder tussenweg, hebben een lage zelfwaardering. Tot die conclusie komen onderzoekers van de universiteit van Yale.



In twee van hun onderzoeken werden proefpersonen gevraagd om zo snel als mogelijk aan te geven welke tien typeringen van toepassing is op hun partner. Daarbij ging het om woorden zoals ‘zorgzaam’ en ‘warm’ tot ‘hebberig’ en ‘oneerlijk’. Het ging daarbij niet alleen om levenspartners, maar ook om kamergenoten en moeders. De mate van zelfwaardering werd bepaald met een speciale vragenlijst.



Ten eerste bleek hieruit dat mensen met een lage zelfwaardering trager kozen dan diegenen met een positief zelfbeeld. Volgens de onderzoeker zit dat zo: “Het is lastig voor hun om hun partners te typeren met een mix van positieve en negatieve eigenschappen. Dat geldt waarschijnlijk voor elke relatie die mensen met een lage zelfwaardering aangaan”.

Het opmerkelijke was dat de vertraagde respons van de groep bij wie sprake bleek van een lage zelfwaardering alleen naar voren kwam bij het beoordelen van partners. Niet bij typering van voorwerpen.

Mensen met een negatief zelfbeeld zijn continu bezig met de vraag of hun partner hun wel of niet accepteert. In goede tijden idealiseren ze daarom hun partner en zie ze die als ‘perfect’. Echter, bij een klein signaal van imperfectie richten de onzekeren zich alleen op alles wat negatief is. Daarmee praten ze het goed dat ze zich van hun partner afkeren. Met dit zelfbeschermend mechanisme proberen mensen met een laag zelfbeeld hun te grote kwetsbaarheid een plaats te geven.



(Bron: Journal of Personality and Social Psychology 90: 652-665, mei 2006)