Ernstige, hardnekkige leesproblemen blijken heel vaak samen te gaan met een afwijkende verwerking van klanken. Dat blijkt uit een recent onderzoek.



Kinderen met en zonder leesproblemen werd gevraagd om te aan te geven of bijna identieke klanken al dan niet van elkaar verschilden. Tegelijkertijd met werd de MEG-techniek de hersenactiviteit gemeten.

Bij kinderen zonder leesproblemen werd tijdens het uitvoeren van die taak verhoogde activiteit gemeten in het deel in de linker hersenhelft dat verantwoordelijk is voor spraak. Maar bij kinderen met dyslexie bleek bij uitvoering van dezelfde taak de activiteit van de rechter hersenhelft toe te nemen.

Volgens de onderzoekers laat hun onderzoek zien dat er sprake is van een neurologisch tekort bij dyslectici, dat maakt dat ze subtiele klankverschillen niet goed of vlot kunnen waarnemen. Er zijn meerdere onderzoeken geweest die daar ook al eens op wezen. Dit tekort, dat alleen verbonden is aan zeer specifieke hersengebieden, zou zowel het lezen als schrijven bemoeilijken. Er is voor de rest vaak sprake van een normale intelligentie, hoewel het kind met dyslexie zelf vaak denkt dat het dom is vanwege de hardnekkige leesmoeilijkheden.

Een zwakke lezer kan hoe dan ook profiteren van gerichte training. Effectieve remedial teaching blijkt op de lange termijn gunstige veranderingen in het profiel van de hersenactiviteit teweeg te brengen, stelt Fletcher (één van de onderzoekers van de universiteit van Texas).

(Neuropsychology, oktober 2003)