Alpay Özterazici en Ercan Akyüz hebben tijdens hun praktijkervaring gedurende hun studie MWD GGZ agoog ervaren dat cliënten met een etnische achtergrond voortijdig tegen het advies van de hulpverlener in hun hulpverlening beëindigen. Het ging hier voornamelijk om Turkse cliënten van eerste en tweede generatie die aan depressie lijden. Uit literatuur (onderzoek van Blom in 2009) is bekend dat de drop – out cijfers van Turkse cliënten die lijden aan een depressie 46% bedraagt.

Hierop besloten de onderzoekers een onderzoek te verrichten naar mogelijke behandelingsmogelijkheden om de drop–out cijfers onder depressieve Turkse cliënten in Nederland te verminderen. Voor hun onderzoek zijn zij naar Istanbul gegaan voor een onderzoek binnen Mavi Kalem, een laagdrempelige instelling die samenwerkt met de klinieken van Bilgi Universiteit.

Binnen Mavi Kalem en de samenwerkende kliniek zijn de drop-out cijfers beduidend minder wanneer dit wordt vergeleken met de drop-out cijfers van Blom, namelijk 16%.
Volgens de onderzoekers komt dit succes doordat binnen Mavi Kalem twee technieken worden gecombineerd: de presentietheorie en rehabilitatie.

Presentietheorie
De hulpverleners van Mavi Kalem ontvangen de cliënten niet alleen op kantoor, maar komen ook aan huis. Dit doen zij om cliënten te informeren dat er weer een interessante bijeenkomst (psycho-educatie) is en ook om te kijken hoe het met de persoon gaat. In deze situatie zijn de hulpverlener en de cliënt op gelijke hoogte. De hulpverlener is dan als een vriend die op bezoek is.
De onderzoekers concluderen dat de hulpverlener ongehaast opstelt. Deze is gemakkelijk te raadplegen. Het ritme van werken is afgestemd op het leefritme van de anderen: soms is dat traag, soms buiten loketuren, soms razendsnel en urgent, vaak instabiel en redelijk onvoorspelbaar. Het gaat vaak ook om langdurige contacten. De hulpverleners van Mavi Kalem vinden het belangrijk dat de cliënt zijn leven deelt met de hulpverlener en deze empathie toont en zich inleeft.

Rehabilitatie binnen Mavi Kalem
Een andere belangrijke methode die Mavi Kalem gebruikt is de IRB, Individuele Rehabilitatie
Benadering. Deze heeft het volgende doel: “Mensen met ernstige, langdurige beperkingen helpen beter te functioneren met zo min mogelijke professionele hulp”. De hulpverleners van Mavi Kalem volgen dit doel. Zij werken in twee fases van herstel.
In de eerste fase ervaart de persoon in kwestie vooral verwarring door de overweldigende symptomen. De cliënt is vooral gericht op zowel mentaal als lichamelijk overleven. De hulpverleners van Mavi Kalem proberen met respect en vertrouwen uit te leggen dat de cliënt met een depressie kampt. Het doel is om hen bewust te maken dat ze aan depressie lijden en te leren hoe men hiermee om kan gaan. Als de cliënt accepteert dat hij aan depressie lijdt, dan kan er overgegaan worden naar de volgende fase.
In de tweede fase dient zich de vraag aan hoe er geleefd kan worden met de aandoening. De
hulpverleners van Mavi Kalem vinden dit een van de belangrijkste fasen, omdat veel cliënten niet
weten wat ze moeten doen met depressie. Dit beïnvloedt hun leven en indirect ook het leven van hun kinderen en eventuele partners. Tevens kunnen ze geclassificeerd worden als ‘gek’. Dit willen ze te allen tijde voorkomen. Zodra deze fase voorbij is dan is het aan de cliënt. Maar de hulpverleners van Mavi Kalem gaan gewoon door. Ze leren hen om met hun sterke punten aan hun problemen te werken en ook aan hun zwakke punten te werken.

(ingezonden door Alpay Ozterazici)