De Amerikaanse wetenschappers Nora Volkow en Anna Rose Childress, die ooit eens in een Noorderlicht tweeluik over verslaving te zien waren, doen allebei onderzoek naar de biochemie van verslavende middelen. we zijn evolutionair geprogrammeerd om beloning te vinden in genot. Eten en seks zijn noodzakelijke basisbehoeften voor elk organisme. De bevrediging van die behoeften verschaft ons genot. Nicotine, drank en drugs overschaduwen precies die hersenstructuren waar deze basisemoties zetelen. Ze breken als het ware in in deze hersencircuits en ontregelen ze zodanig dat ze abnormale patronen creëren, die het gedrag beïnvloeden. Veel drugs activeren deze hersensystemen nog sterker dan natuurlijke beloningen. Zo kan een verslaafde drugs als het lekkerste eten of de beste seks zien die hij ooit gehad heeft. The master molecule of addiction is dopamine, een chemische stof in de hersenen die een rol speelt bij beweging, motivatie, genot, aandacht en denkvermogen.

Het dopaminesysteem is actief als mensen aandachtig en met plezier met iets bezig zijn. Drugs, drank en nicotine verstoren de dopamine balans. De eerste paar keer dat deze middelen gebruikt worden gaat het dopamine niveau omhoog, wat een kick veroorzaakt. Maar na verloop van tijd gebeurt het omgekeerde. Het wordt dan steeds moeilijker om het dopamine niveau op peil te houden en een laag dopamine niveau heeft tot gevolg dat men zich niet prettig voelt. Nicotine, maar ook drank en drugs zijn dan nodig om dat onprettige gevoel op te heffen.

En dat lukt maar voor even. Herinneringen aan associaties die met verslavende middelen te maken hebben zijn daarentegen juist bijzonder krachtig en kunnen na jaren zomaar weer de kop op steken. Het leven van een verslaafde zit vol met dat soort herinneringen.
(Bron: Is dit mijn laatste sigaret? Een programma van H. van Etten en R. Wiering.)