Onderzoekers vinden eiwit voor beter geheugen

Het is Duitse wetenschappers gelukt het herinneringsvermogen van oude muizen te verbeteren met behulp van een eiwit. Door het eiwit (Dnmt3a2) konden de muizen weer net zo goed dingen onthouden als jonge muizen. Dat meldt neurobioloog Hilmar Bading van de universiteit van Heidelberg.

“Het is bekend dat de geestelijke vaardigheden afnemen bij het ouder worden”, aldus Bading. Het proteïne Dnmt3a2 komt bij ouderen veel minder voor in de hersenen dan bij jongeren. Dat blijkt een oorzaak van de verminderde vaardigheden.

De wetenschappers spoten een virus met het eiwit in de hersenen van de oudere muizen. Daarna waren ze minder vergeetachtig. Ze herinnerden zich bijvoorbeeld beter in welke ruimte ze een elektrisch schokje hadden gekregen. Het effect was ook te zien bij jonge muizen. Zodra bij hen het proteïne Dnmt3a2 werd verminderd, konden ze duidelijk minder onthouden. De ontdekking biedt in de toekomst mogelijk ook kansen voor mensen volgens Bading, maar bij mensen ligt het wel wat ingewikkelder. Het moeilijkst is om een virus in de hersenen van mensen te injecteren.

De resultaten van het onderzoek zijn gepubliceerd in het vakblad Nature Neuroscience.

Lees meer op Gezondheidsnet.nl:
Vrienden beïnvloeden gewicht

Dopamine bepaalt werklust

Geen zin om te werken? Misschien kun je er wel niets aan doen. De manier waarop je hersenen met dopamine omgaan, lijkt namelijk te voorspellen of je een harde werker bent of niet.
Op iedere werkvloer zijn er mensen die altijd gedreven zijn en mensen die het wat meer rustig aan doen. Dit onderzoek laat zien dat de variatie in motivatie deels wordt veroorzaakt door de dopaminesystemen in onze hersenen”, legt onderzoeker Michael Treadway van het McLean Hospitatal en de Harvard Medical School uit.

Dopamine staat bekend als chemische stof die een rol speelt bij beweging, motivatie en beloning. Eerder onderzoeken wezen ook al uit dat het manipuleren van dopamine de keuze tot hard werken voor een beloning beïnvloedt. Treadway keek samen met zijn collega’s naar de van nature aanwezige variatie in dopamine bij mensen.

Hiervoor bestudeerden zij 25 gezonde mannen tussen de 19 en 29 jaar. De mannen voerden verschillende simpele en ingewikkelde testjes uit. De beloning varieerde hierbij van 1 tot 4 dollar. Daarnaast maakten de onderzoekers PET-scans van de hersenen van de deelnemers. Op die manier konden ze de hoeveelheid dopamine in de hersenen bekijken.
Bij de deelnemers die hard werkten was sprake van meer dopamine in gebieden die van belang zijn voor beloning en motivatie. De deelnemers die minder gemotiveerd waren hadden juist meer dopamine in de hersengebieden voor emotie en risicoperceptie. De laatste groep was meer gefocust op de ‘kosten’ van het werken.

De resultaten bieden aanknopingspunten voor de behandeling van aandoeningen die gepaard gaan met motivatieproblemen zoals depressie en ADHD. Een verschil in dopamine kan bijvoorbeeld de reden zijn waarom niet iedereen even goed op een geneesmiddel reageert.

Hiervoor bestudeerden zij 25 gezonde mannen tussen de 19 en 29 jaar. De mannen voerden verschillende simpele en ingewikkelde testjes uit. De beloning varieerde hierbij van 1 tot 4 dollar. Daarnaast maakten de onderzoekers PET-scans van de hersenen van de deelnemers. Op die manier konden ze de hoeveelheid dopamine in de hersenen bekijken.
Bij de deelnemers die hard werkten was sprake van meer dopamine in gebieden die van belang zijn voor beloning en motivatie. De deelnemers die minder gemotiveerd waren hadden juist meer dopamine in de hersengebieden voor emotie en risicoperceptie. De laatste groep was meer gefocust op de ‘kosten’ van het werken.
De resultaten bieden aanknopingspunten voor de behandeling van aandoeningen die gepaard gaan met motivatieproblemen zoals depressie en ADHD. Een verschil in dopamine kan bijvoorbeeld de reden zijn waarom niet iedereen even goed op een geneesmiddel reageert.

Bronvermelding:
Dopamine bepaalt werklust

Te vroeg geboren kind moeite met taal

Dit is uit onderzoek naar voren gekomen van het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam.

De kans is aanzienlijk groter dat een te vroeg geboren kind later moeite krijgt met complexe taalbeheersing volgens de onderzoekers. De kinderen hebben geen problemen als het om woordenkennis gaat, maar met complexe zinnen hebben ze meer moeite dan hun leeftijfsgenoten.

De onderzoekers vermoeden dat het komt doordat de hersenen beter ‘hun best moeten doen’ om kinderen van dezelfde leeftijd bij te benen. Dat lukt tot op zekere hoogte, maar bij het begrijpen van complexe zinnen komen de te vroeg geboren kinderen toch tekort.

Volgens de onderzoekers betekent dit niet dat te vroeg geboren kinderen altijd problemen met taal houden, maar dat ze het gemiddeld wel iets zwaarder hebben op school dan hun klasgenoten.

Toon de originele post:
Te vroeg geboren kind worstelt met taal

Hersenen anders bij overgewicht

De hersenen van mensen met overgewicht zijn anders dan die van dunne mensen. Dat concluderen onderzoekers van de Finse University of Turku en Aalto University.

Overgewicht is over het algemeen het gevolg van een te grote energie-inname (door te veel eten of te weinig bewegen).
Toch zijn sommige mensen vatbaarder voor overeten en gewichtstoename. Aangezien het centrale zenuwstelsel betrokken is bij het verwerken van hongersignalen en de voedselinname, lijkt het aannemelijk dat de hersenen een rol spelen bij overgewicht.
Hersenactiviteit
De Finse onderzoekers maten voor het onderzoek de hersenactiviteit in verschillen hersengebieden bij de proefpersonen met en zonder overgewicht. Ze vonden een verhoogd glucosemetabolisme in de basale ganglia (hersenstructuren rondom de thalamus) van de mensen met overgewicht. Deze basale ganglia zijn betrokken bij beloning.

Het beloningssysteem in de hersenen van mensen met overgewicht reageerde ook krachtiger op afbeeldingen van eten. Daarnaast was bepaalde hersenactiviteit in de frontaalkwab, betrokken bij gedragscontrole, juist minder.
Behandeling
“Onze resultaten suggereren dat de hersenen van mensen met overgewicht constant signalen afgeven die eten promoten. Zelfs als het lichaam geen behoefte heeft aan extra energie”, legt onderzoeker Lauri Nummenmaa uit.
“Dit heeft grote gevolgen voor hoe we nu naar overgewicht kijken en biedt ook mogelijkheden voor het ontwikkelen van pillen of psychische behandelingen van obesitas.” (Bron: Gezondheidsnet)

Deuropening passeren veroorzaakt geheugenverlies

deurProfessor Gabriel Radvansky van de University of Notre Dame denkt dat het passeren van een deuropening geheugenverlies veroorzaakt.

Radvansky liet proefpersonen geheugentaken doen terwijl ze een kamer doorkruisten en terwijl ze weggingen door een deuropening. Als ze door een deuropening liepen maakten ze meer fouten dan wanneer ze binnen de ruimte bleven, ongeacht de afgelegde afstand.
“Naar binnen komen of weggaan door een deur trekt een grens in je gedachten die activiteiten van elkaar scheidt en opslaat. Je herinneren wat je ging doen is lastig, omdat je die beslissing in een andere ruimte maakte. De actie is in een ander hokje opgeslagen.”, legt Radvansky uit.

Uit eerder onderzoek bleek al dat omgevingsfactoren het geheugen beïnvloeden. Informatie kun je makkelijker terughalen wanneer je in dezelfde ruimte bent als waar je de informatie geleerd hebt. (Bron: Gezondheidsnet)

Burn-out nu aantoonbaar in de hersenen

Burn-out, één van de zogenaamde ongedifferentieerde somatoforme stoornissen, wordt gekenmerkt door klachten zoals vermoeidheid, hoofd- en nekpijn, prikkelbaarheid en concentratieproblemen. De klachten hangen meestal samen met langdurige overbelasting en spanningen in de werksituatie.
In een studie van de Radboud universiteit Nijmegen in samenwerking met HSK en Brainclinics Diagnostics, werden voor het eerst verschillen gevonden tussen het brein van patiënten met een burn-out en gezonde proefpersonen. Dit is bijzonder, want eerder was een burn-out niet objectief vast te stellen. Sommige burn-outklachten lijken op symptomen van een depressie of chronische vermoeidheid (CVS), wat voor onduidelijkheid zorgt. In sommige landen, waaronder Amerika, wordt de diagnose burn-out dan ook nog niet erkend.

De proefpersonen die aan de studie meewerkten, kregen diverse neuropsychologische en EEG-onderzoeken. Hieruit bleek onder andere dat mensen met een burn-out moeite hebben informatie automatisch te verwerken. Zij moeten dit dus bewuster doen, wat een grotere mentale inspanning vergt. Dit verklaart mogelijk de geestelijke vermoeidheid die bij burn-out patiënten veel voorkomt. De combinatie van de gevonden EEG-veranderingen is uniek voor burn-out, en vormt dus een objectieve maat voor het vaststellen hiervan.

De onderzoekers benadrukken dat dit een eerste onderzoek is, en dat verder onderzoek bij een groter aantal proefpersonen nodig is.

Bron: Radboud Universiteit Nijmegen