Na longontsteking krijgt patiënt vaker depressie

De lange termijn gevolgen van een longontsteking kunnen schadelijker zijn voor de gezondheid dan een hartaanval. Daarbij verdubbelt na een longontsteking de kans op een depressie of cognitieve beperking.

Tot die conclusie komen onderzoekers van de University of Michigan en de University of Washington. Vooral ouderen die in het ziekenhuis worden opgenomen met een longontsteking krijgen na afloop vaak te maken met allerlei klachten. De effecten hiervan zijn vergelijkbaar met een beroerte of hartaanval.

“Longontsteking is niet alleen een levensbedreigende aandoening op het moment zelf, maar het kan je leven ook veranderen”, aldus onderzoeker Theodore J. Iwashyna. “De chronische zorg die nodig is en de verminderde kwaliteit van leven zijn vergelijkbaar met die van de overlevers van een hartziekten. Toch verdiepen we ons veel minder in het voorkomen van een longontsteking.”

Patiënten die behandeld zijn voor longontsteking, ook de patiënten die in negen jaar een keer opgenomen zijn en geen intensive care nodig hadden, liepen een twee keer zo hoog risico op het ontwikkelen van cognitieve beperkingen. Ook de kans op depressieve symptomen werd bijna twee keer zo groot.

“Zelfs als de patiënt niet op de intensive care wordt opgenomen, maar wel in het ziekenhuis ligt, zijn de lange termijn effecten veel groter dan gedacht. Na opname neemt het risico op problemen bij dagelijkse activiteiten zoals lopen, koken en de badkamer gebruiken namelijk behoorlijk toe.

De resultaten zijn verschenen in het American Journal of Medicine.
Bron: gezondheidsnet.nl

Kind van manisch-depressieve ouder vaker depressief

Meer dan de helft van de kinderen van ouders met een manisch-depressieve stoornis ontwikkelt zelf een stemmingsstoornis of andere psychiatrische problematiek. Dat concluderen onderzoekers van het UMC Utrecht en UMC Groningen na een onderzoek van twaalf jaar.

De onderzoekers volgden gedurende twaalf jaar een groep kinderen van ouders met een manisch-depressieve stoornis vanaf de puberteit tot gemiddeld 28 jaar. “Uit het onderzoek blijkt dat op een gemiddelde leeftijd van 28 jaar 13 procent uit de groep een milde of ernstige vorm van manisch-depressiviteit ontwikkeld heeft”, vertelt kinder- en jeugdpsychiater Manon Hillegers.
“Bijna in alle gevallen begint de manisch-depressieve stoornis met één of meer depressies. Bij een hoogrisicogroep zoals deze, blijkt een (milde) depressie een goede voorspeller te zijn voor een manisch-depressieve stoornis op latere leeftijd.”
“Als ook andere stemmingsstoornissen zoals langdurige somberheid worden meegenomen, is het percentage stemmingsstoornissen in deze groep zelfs 54 procent. Bij één op de drie gaat het om een terugkerende vorm. In de Nederlandse bevolking komen stemmingsstoornissen in dezelfde leeftijdscategorie bij 19,5 procent voor. Naast stemmingsstoornissen komen ook veel andere psychiatrische problemen voor in deze onderzoekspopulatie, zoals angst- en gedragsstoornissen”, aldus Hillegers.
De onderzoekers vinden het belangrijk dat er verder onderzoek wordt gedaan naar kinderen met een verhoogd risico op psychiatrische problemen. Hillegers: “Doordat je de problematiek eerder identificeert en behandelt, hopen we uiteindelijk ernstigere psychiatrische ziekten te voorkomen of het beloop ervan te verbeteren.”

De resultaten van het onderzoek verschenen in The American Journal of Psychiatry.
Bron: gezondheidsnet.nl

Zelfhulpboek helpt ook bij ernstige depressie

Patiënten met een ernstige depressie hebben ; evenveel baat bij een niet-intensieve behandeling, zoals het gebruik van zelfhulpboeken en -websites, als mensen met een milde depressie. Dat blijkt uit een onderzoek dat gepubliceerd is in het British Medical Journal.

Een internationaal onderzoeksteam analyseerde verschillende onderzoeken naar behandelingen bij depressies, waarin in totaal 2470 patiënten werden bestudeerd.
De proefpersonen leden aan zware of mildere depressies en volgden een niet-intensieve behandeling. Ze kregen middelen aangereikt om beter te leren omgaan met hun symptomen, zoals zelfhulpboeken of interactieve websites, soms met beperkte assistentie van een zorgverlener. Deelnemers aan zelfhulpgroepen werden uitgesloten van het onderzoek.
De onderzoekers concluderen dat mensen met een zware depressie minstens evenveel baat hebben bij dergelijke niet-intensieve behandelingen als patiënten met een minder ernstige depressie. Ze adviseren dan ook om als eerste stap in de behandeling van een depressie te kiezen voor het gebruik van zelfhulpboeken en -websites. Daarbij is het wel belangrijk dat hun voortgang gemonitord wordt.

De resultaten van het onderzoek verschenen in het British Medical Journal.
Bron: gezondheidsnet.nl

Grote kans op depressie bij kind van ouder met bipolaire stoornis

Als één van de ouders manisch-depressief is, heeft het kind ene flink verhoogde kans om zelf depressief te worden. Dit geldt hoe dan ook voor meer dan de helft van de kinderen van ouders met een manisch-depressieve stoornis, oftewel bipolaire stoornis. Tot deze conclusie komen onderzoekers van het UMC Utrecht en UMC Groningen. Hun onderzoek heeft een looptijd gehad van twaalf jaar. 140 kinderen werden hierin gevolgd.

AJPDe manisch-depressieve stoornis houdt vooral stemmingswisselingen in. Kinderen van een ouder met een manisch-depressieve stoornis, hebben genetisch een verhoogde kans op het ontwikkelen hiervan.
Uit het onderzoek blijkt dat op een gemiddelde leeftijd van 28 jaar, 13% uit de groep een milde of ernstige vorm van manisch-depressiviteit ontwikkeld heeft”, aldus kinder-en jeugdpsychiater dr. Manon Hillegers. “Als ook andere stemmingsstoornissen zoals langdurige somberheid worden meegenomen, is het percentage stemmingsstoornissen in deze groep zelfs 54%“.
De onderzoekers vinden het belangrijk dat er verder onderzoek wordt gedaan naar kinderen met een verhoogd risico op psychiatrische problemen. Hillegers: “Doordat je de problematiek eerder identificeert en behandelt, hopen we uiteindelijk ernstigere psychiatrische ziekten te voorkomen of het beloop ervan te verbeteren.”

(Bronnen: UMC Utrecht , Am J Psychiatry 2013)

12 tips tegen een depressie en somberheid

Veel mensen hebben in de winter last van een winterdepressie, ook wel de winterblues genoemd. Moet je je hierbij neerleggen of kun je hier zelf wat aan doen?

Omring je met licht
Serotonine is een neurotransmitter in onze hersenen die onder andere de stemming reguleert. Serotonine wordt aangemaakt door tryptofaan en 5-HTP om te zetten. Voor deze omzetting is licht noodzakelijk, zonder licht wordt de tryptofaan namelijk omgezet in melatonine, wat ervoor zorgt dat we slaperig worden. Probeer dagelijks tussen de middag buiten te wandelen en koop een daglichtlamp of fullspectrum lichtbollen.

Kies voor supplementen
Als je wat extra ondersteuning nodig hebt dan zijn magnesium en vitamine B & D zeer belangrijk voor een goede stemming. Vitamine D wordt in de zomer aangemaakt onder invloed van zonlicht, dat we in de winter moeten missen. Magnesium ontspant. Je kunt ook kiezen voor levertraan. Zelf gebruik ik gefermenteerde levertraan van Green Pasture’s.

Ga sporten
Bewegen zorgt ervoor dat je je gedachten loslaat en tal van goede stoffen aanmaakt in de hersenen. Let er wel op dat je niet overdrijft, te fanatiek sporten is juist een stressbron voor het lichaam.

Geniet van de sauna
Recent onderzoek heeft aangetoond dat warmte zeer genezend werkt tegen depressiviteit. Als je je regelmatig in een sauna begeeft, zal je je waarschijnlijk minder vaak depressief voelen omdat er een toename plaatsvindt van de endorfines.

Eet dierlijk vet
In het verzadigde vet van dieren zitten belangrijke in vet oplosbare vitamines zoals vitamine A, D, E en K. Met name vitamine D is een belangrijke stof om je goed te voelen. In de onverzadigde vetten van bijvoorbeeld vis zit veel omega-3 in de vorm van EPA en DHA, die zeer goed opneembaar zijn voor het lichaam. Een goede kwaliteit visolie helpt beter dan antidepressiva.

Boek een vakantie
Als je in de winter op wintersport gaat, dan zit je meestal op grote hoogte en krijg je via je ogen en gezichtshuid aardig wat zonlicht binnen. De huid is het grootste orgaan dat we hebben, dus de voorkeur gaat wat mij betreft toch uit naar een warm land waar je echt met je hele huid in contact komt met zonlicht om zo een flinke shot vitamine D binnen te krijgen.

Maak je darmen gezond
De wetenschap komt er steeds meer achter dat een goede conditie van de darmen cruciaal is voor een gezond lichaam. De darmen worden ook wel de tweede hersenen genoemd. Er is ook een leuk boekje over “De darm denkt mee”. Ongeveer 80% van de serotonine in de hersenen wordt in de darmen geproduceerd. Serotonine reguleert de stemming. Gezonde darmen zorgen er ook voor dat er geen ongewenste stoffen in de bloedbaan komen. Vermijd zoveel mogelijk de verkeerde vetten, granen, melkproducten en suiker, maar eet onbewerkt, biologisch en veel groente.

Kies voor kruiden
Veel kruiden hebben een helende werking op het lichaam. Specifieke kruiden die kunnen helpen bij depressies zijn Sint Janskruid en Gingko biloba. Nooit zomaar combineren met medicijnen van de huisarts of psychiater maar overleg eerst met de arts.

Ontspan
Stress verlaagt onze afweer, weerbaarheid en doet een sterk beroep op onze vitamine- en mineraalreserves. Probeer daarom zoveel mogelijk te ontspannen en het allemaal niet altijd zo serieus te nemen. Moeder Theresa zei eens: “Het leven is een spel, speel het”.

Doe leuke dingen
Als je dingen doet die je leuk vindt, het liefst waarbij je de tijd vergeet, dan raak je uit je hoofd en ga je minder piekeren. De afleiding zorgt ook voor een nieuwe chemische balans in de hersenen.

Vermijd stimulerende middelen
Koffie, chocolade, cola en Red bull kunnen je een enorme piek geven en je stemming boosten. Dit is helaas slechts tijdelijk en je zult zien dat als deze stoffen zijn uitgewerkt, je er dan slechter aan toe bent dan ervoor. Kies liever voor voedende voeding zodat je de enorme pieken en dalen vermijdt. Suiker is ook een stimulerend middel en zetmeel is een suiker. Wees daarom spaarzaam met enorme hoeveelheden brood, pasta, rijst en aardappelen.

Word sociaal
In onze tijd komt depressie relatief veel voor. Ik denk dat dit onder andere te maken heeft met het feit dat veel mensen in afzondering leven. In Afrika of andere arme landen, hebben ze weinig materiele rijkdom, maar wel meer sociale verbinding en hier komen depressies minder vaak voor. Sociaal verkeer is onontbeerlijk voor een mens. Bij sociaal contact, en helemaal bij aanraking, worden er tal van hormonen aangemaakt die je een goed gevoel geven. Een bekend hormoon dat hier een rol in speelt is oxytocine, maar er zijn er nog wel meer.

(Bron: aHealthylife.nl)

Nieuwe informatie over de relatie voeding en stemming

Bepaalde smaken hebben in je hersenen een effect dat overeenkomsten heeft met een middel dat in Amerika wordt voorgeschreven om stemmingswisselingen te voorkomen bij manisch-depressieve mensen. Moleculen in chocolade, voeding die omega-3-vetzuren bevat en verschillende bessensoorten hebben een aantoonbaar effect op je stemming, zo zeggen de onderzoekers.

Het onderzoek maakte gebruik van een techniek waarbij de eigenschappen van ruim 1.700 smaken werden geanalyseerd met behulp van computerberekeningen. Het werd gepresenteerd bij een bijeenkomst van de American Chemical Society.
Goed om te weten dat het gaat om onderzoek dat in de kinderschoenen staat. Het is hoe dan ook belangrijk om te beseffen dat het eten van voeding waarvan bewezen is dat deze de stemming verbetert niet in de plaats kan komen van voorgeschreven antidepressiva. Mensen die graag hun levensstijl en –gewoonten willen optimaliseren kunnen wel veel hebben aan deze bevindingen.

Misschien zijn de gevonden effecten te verklaren uit het feit dat sommige voedingsmiddelen de neurotransmitters in de hersenen kunnen beïnvloeden, zoals serotonine. Een tekort daaraan kan leiden tot sombere gevoelens. Daarnaast zijn depressieve mensen geneigd minder gezond te eten, wat hun negatieve stemming in stand kan houden.
Inmiddels zijn er nu meerdere goed uitgevoerde (dubbelblind/placebogecontroleerde) die bevestigen dat omega-3-vetzuren de stemming beïnvloeden en dat vooral tekorten funest zijn. Van belang is ook voor een stabiel bloedsuiker te zorgen, wat betekent dat je enkelvoudige koolhydraten (suikers) het beste vermijdt.

(Persbericht American Chemical Society, zie ook foodforthebrain.org; foto: Chuck Grimmett)