Alternatieve kijk op behandeling van autismespectrum-symptomen

Precieze oorzaken van autisme en alle daarop lijkende milde varianten zijn tot op vandaag onduidelijk. De natuurgeneeswijze heeft eigen visies ontwikkeld op de achterliggende mechanismes van de kenmerken van ontwikkelingsstoornissen met daaraan gekoppeld suggesties voor behandeling. Het is goed om ook deze gedachten te kennen. Immers, de reguliere kijk op ontwikkelingsstoornissen laat nog te wensen over als het gaat om het weten van oorzaken en alternatieven voor behandeling.

Binnen de natuurgeneeswijze worden tekortkomingen in het complexe systeem van biochemie op niveau van het stofwisselings- en/of immuniteitssysteem bestempeld als centrale oorzaak van autisme en varianten daarop. De invloed van zware metalen op de ontwikkeling van neuronen zou groot zijn. Al in een vroeg stadium van de ontwikkeling kunnen deze de ontwikkeling van neuronen schaden. Wat behandeling betreft, zou op de eerste plaats het voedingspatroon moeten worden aangepast om ontgiften van het lichaam te stimuleren (zie feingold.org). Sommigen zeggen dat men voeding die peptiden uit gluten en caseïne bevat het beste kan vermijden. Verdere behandeling komt volgens natuurartsen neer op suppletie met zink, vitamine B6 + magnesium, spijsverteringsenzymen en vitaminen A en C.
De vraag is nu: bestaat hiervoor voldoende wetenschappelijke onderbouwing? Van alle verrichte studies naar het effect van magnesium + B6 kan slechts een de toetssteen van Cochrane doorstaan en het resultaat daarvan is niet te generaliseren vanwege het te kleine aantal onderzochte personen (2005, slechts acht proefpersonen). Vier jaar later voert James Adams bewijzen aan voor toxicologische processen bij autisten, zie autism.asu.edu. Bij drie- tot achtjarige kinderen met een vorm van autisme hangt de ernst van de symptomen (gemeten met de ADOS) rechtstreeks samen met de uitstoot van zware metalen in de urine (Journal of Toxicology, 2009). Verder zou de helft van autistische kinderen last hebben van problemen in het maagdarmstelsel. Beduidend meer dan gemiddeld, wat de vraag oproept wat op lichamelijk en biochemisch vlak nu precies ontregeld is. Adams is er op basis van zijn eigen research en beoordeling van dat van collega’s stellig van overtuigd dat de genoemde supplementen kinderen met autisme ten goede komen.

Zie voor meer informatie: legacy.autism.com/treatable/adams_biomed_summary.pdf, autism.asu.edu/DANConsensusReport.htm (overzicht van mogelijk werkzame supplementen) en autismeonderzoek.nl.

(F.A. Ruiters, World Wide Wisdom: Kind & Adolescent Praktijk, nr 3. sept. 2010)

Ouders van kinderen met autisme scheiden vaker

Ouders van jongeren en volwassen kinderen met autisme scheiden vaker dan ouders van jongeren zonder deze beperking. Dat blijkt uit een studie van Amerikaanse onderzoekers van de University of Wisconsin-Madison.

Zij vergeleken de huwelijksgeschiedenis van 391 echtparen met een opgroeiend of volwassen kind met autisme met een studie over ouders die kinderen zonder beperking opvoedden. Ouders van kinderen onder de 8 jaar met een autistische stoornis hebben een even grote kans te scheiden. Na die leeftijd daalt het aantal scheidingen voor ouders met kinderen zonder een autistische stoornis. Maar jongeren met autisme hebben nog steeds veel ouderlijke zorg nodig, waardoor er druk op de ouders en hun huwelijk blijft staan.
De resultaten van het onderzoek zijn gepubliceerd in het augustusnummer van het Journal of Family Psychology.

Verschil PDD-NOS en ADHD moeilijk meetbaar

Aan PDD-NOS en ADHD worden verschillende gedragskenmerken toegeschreven. Toch zijn deze stoornissen klinisch nauwelijks van elkaar te onderscheiden. Dat stelt Karin Gomaris in haar promotieonderzoek.

Zij onderzocht verschillen in de informatieverwerking van kinderen met PDD-NOS en ADHD. Ze vroeg kinderen computertaken uit te voeren, terwijl er een EEG van hun hersenen werd gemaakt. Uit de resultaten bleek dat er in die opzichten tussen de kinderen met PDD-NOS en ADHD geen significante verschillen bestaan.

Bron: Rijksuniversiteit Groningen

Verwerking van prikkels gaat anders bij autist

Uit eerder onderzoek is bekend dat volwassenen met een Autisme Spectrum Stoornis (ASS) problemen ervaren bij het verwerken van prikkels, waaronder visuele. Dat maakt dat ze moeite hebben met het snappen van gezichtsuitdrukkingen als een snelle reactie wordt verwacht.

autismeNu is het de vraag of dit probleem ook al speelt op jonge leeftijd. Het antwoord is belangrijk omdat het jonge brein nog heel goed in staat is tot leren. Een goed beeld van hoe de hersenen van ASS-peuters brengt helpende behandeling dichterbij.

Op de universiteit in Maastricht onderzocht men daarom een groep drie- tot vierjarigen die de diagnose ASS hadden. In een mobiel EEG-lab kregen ze een muts met elektroden op die hersenactiviteit registreerden.
De kinderen kregen plaatjes van streepjespatronen te zien, gedetailleerd en grof. Uit de data bleek dat het brein van kinderen met ASS excessief reageert op gedetailleerde streepjespatronen; de activiteit was sterk verhoogd. Die sterke reactie op details kwam ook naar voren bij het bekijken van plaatjes van emoties. Bij plaatjes van bange of neutrale gezichten reageerden kinderen met ASS vooral op de details, in plaats van de globale contouren zoals kinderen uit de controlegroep. Bovendien werden die details trager verwerkt. Conclusie: de hersenen van deze kinderen verwerken emoties trager
Uit eerder onderzoek bleek al dat de frontale hersenen, die verantwoordelijk zijn voor onder andere organiseren en plannen, ook anders werken bij autisten.

(Universiteit Maastricht)

Autist verkiest beeld met passend geluid

AutismeEr is een interessant verschil aan het licht gekomen tussen autistische kinderen en hun leeftijdgenoten zonder deze stoornis. Zeer jonge kinderen met een autisme spectrum stoornis hebben veel minder aandacht voor bewegende mensen. In plaats daarvan gaat hun aandacht uit naar beelden die synchroon lopen met geluid. Daarmee is in één klap verklaard waarom autisten liever naar de mond van mensen kijken dan naar hun ogen: de mond loopt synchroon met het geluid.
Onderzoekers van de Yale University schreven daarover in wetenschappelijke tijdschrift Nature.
Zoals we al dachten blijkt autisme een stoornis die vanaf de geboorte aanwezig is. In elk geval zijn autisten op tweejarige leeftijd “al een heel andere weg in hun ontwikkeling ingeslagen”.

(Nature, 29 March 2009)

Ook kind met PDD-NOS leert anderen begrijpen

Het is ook voor kinderen met PDD-NOS (een aan autisme verwante stoornis) goed mogelijk om te leren gevoelens, gedachten en intenties van anderen te begrijpen. Wel doen ze er langer dan gemiddeld over over om deze zogenaamde ‘Theory of Mind’ (TOM) te ontwikkelen. Dat blijkt uit het promotieonderzoek van Els Blijd-Hoogewys, die op 6 november promoveert aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Blijd onderzocht deze Theory of Mind (het vermogen om anderen te snappen en hun beleving in te schatten) bij 324 kinderen die zich normaal ontwikkelen. Daarnaast waren 30 kinderen met PDD-NOS in haar onderzoek betrokken. Zij ontwikkelde een soort test in de vorm van een takenboek. Blijd ontdekte dat bij alle kinderen de ontwikkeling van ToM af en toe hapert. De grootste vertraging doet zich bij kinderen zonder stoornis voor als ze 6 tot 6,5 jaar zijn en bij kinderen met PDD-NOS ruim een jaar later. Blijd constateerde ook dat de test op zich, die met tussenpozen van vier maanden vier keer werd afgenomen, de ontwikkeling van Theory of Mind stimuleerde.
De ToM-ontwikkeling van kinderen met PDD-NOS verloopt vertraagd, maar onderscheidt zich verder niet van die van ‘normale’ kinderen.

(RuG-bericht)