Spel: Psychokwartet

Het Psychokwartet is een spel waarin diverse psychische problemen zijn geordend en op een rij zijn gezet. Het kwartet bestaat uit 13 sets – elke set vertegenwoordigt een cluster – en alle 52 kaarten bevatten naast een unieke cartoon een korte uitleg van de belangrijkste kenmerken van de psychische problemen. Zo is het kwartet niet alleen leuk voor de professional, maar ook leerzaam voor wie meer inzicht in de problematiek wil krijgen. Het Psychokwartet is gebaseerd op de DSM-IV, een wetenschappelijk classificatiesysteem voor onder anderen psychologen en psychiaters.



R. van Deth & J. Snaet (illustraties), Het psychokwartet, Uitgeverij Bohn Stafleu van Loghum.

Boek: Midlife, midden in je leven

50 mythes over middelbare leeftijd ontmaskerd. Over de middelbare leeftijd bestaan allerlei meningen, vooroordelen en mythes. Psycholoog Jaap Spaans toetst deze opvattingen aan de wetenschap. Wat is er van waar? Op een leuke en vlotte manier schrijft hij over de volgende thema’s: lichamelijke en mentale veranderingen, werk, relaties, toekomst en verleden. Ook doet hij aanbevelingen, zodat je je niet laat leiden door vooroordelen die wellicht onjuist zijn. Want midlife is een belangrijke en bijzondere periode in je leven, die veel goeds met zich mee kan brengen.



Bijvoorbeeld: ‚ÄòIs de middelbare leeftijd dan niet saai? Nee, velen vinden het helemaal geen saaie periode. Verschillende onderzoeken laten juist het tegenovergestelde beeld zien. Mensen beschrijven tal van ‚Äòpiekervaringen’ tijdens hun midlife. Middelbare mensen hebben allerlei positieve ervaringen op alle mogelijke gebieden, positieve belevenissen die ze nog niet eerder hadden’ .



(Jaap Spaans. Midlife: midden in je leven. Uitgeverij Het Spectrum)

Mozart op je MP3-speler

Muziek van met name Mozart zou misschien je denkvermogen kunnen verbeteren, maar verwacht niet teveel van het effect. Een ware genie word je er niet van.



Ongeveer tien jaar geleden berichtte psycholoog Frances Rauscher, die momenteel verbonden is aan de universiteit van Wisconsin, dat het wiskundige en ruimtelijke redeneervermogen verbeteren door te luisteren naar muziek van Mozart. En zelfs ratten lopen sneller een doolhof uit na het horen van Mozart. Vorig jaar nog berrichtte Rauscher dat een pianosonate van Mozart de activiteit van zenuwcellen in de hersenen verhoogt.



Het klinkt te mooi om waar te zijn. Nou is het inderdaad zo dat niet iedereen die het Mozarteffect bestudeerde dezelfde resultaten vond. Muziek zou in het algemeen het denkvermogen verbeteren, doordat het luisteren ernaar mensen een goed gevoel geeft vanwege de ontspannende werking. Luisteren naar een verhaal zou de hersenen dezelfde oppepper geven, zo komt uit een ander onderzoek naar voren.



Het ligt anders met muzieklessen. Bij kinderen van zes jaar oud die muziekles kregen in plaats van toneelles of helemaal geen les presteerden gemiddeld 3 IQ-punten hoger op een standaard intelligentietest. Ook bleek dat kleuters die twee jaar muziekles hebben gekregen hoger scoorden op tests voor ruimtelijk redeneren dan kleuters die evenlang computerlessen hadden gevolgd.

Misschien stimuleert muziekles, die vraagt om specifieke vingerbewegingen, het luisteren naar ritme en tempo, een aantal mentale vaardigheden. Niet bekend is of de hersenen van volwassenen dezelfde stimulans krijgen als kinderhersenen, maar het volgen van muziekles is zeer zeker de moeite van het proberen waard.

(Music research)

Boek: Dromen, durven, doen

Waarom houden we de meeste veranderingen niet vol? Wat bepaalt 95% van je gedrag (zonder dat je het merkt)? Hoe ontwikkel je met succes nieuwe, effectieve gewoontes?

Iedereen heeft dromen op het gebied van werk, relatie, gezondheid, persoonlijke ontwikkeling… Maar wat is er nodig om de stap van dromen, naar durven en – uiteindelijk – doen te zetten? Wat zijn de geheimen van échte, blijvende verandering?

Dit boek geeft heldere antwoorden. Gebaseerd op actuele psychologische inzichten, praktische ervaring én persoonlijke verhalen van mensen die – met vallen en opstaan – hebben geleerd om leiding te geven aan zichzelf.
Bert Tiggelaar, Dromen, durven, doen, Het managen van de lastigste persoon op aarde: jezelf. Uitgeverij het Spectrum.

Denkbeeldige vriendjes

Denkbeeldige vriendjes zijn een teken van een levendig voorstellingsvermogen en is een mijlpaal in de cognitieve en emotionele ontwikkeling van een kind.

Dit concluderen onderzoekers van de Universiteit van Washington en de Universiteit van Oregon in een onderzoek dat gepubliceerd is in Developmental Psychology.

Van de ondervraagde kinderen geeft 65% aan ooit een denkbeeldig vriendje te hebben gehad voor de leeftijd van 7 jaar. Maar hoe zien deze vriendjes er dan uit? Het blijkt dat ongeveer 50% van de denkbeeldige vriendjes van drie- en vierjarigen zijn geïnspireerd door speelgoed. Dit ligt anders bij vijf- tot zevenjarigen. Zij hebben het vaakst (67%) onzichtbare vriendjes. Van de denkbeeldige vriendjes van vijf- tot zevenjarigen is 57% mens en 41% dier.

 Denkbeeldige vriendjes spelen een belangrijke rol in de ontwikkeling van kinderen, zegt professor Taylor van de Universiteit van Oregon. Uit eerdere onderzoeken blijkt namelijk dat het hebben van deze imaginaire vriendjes geassocieerd is met een beter vermogen het perspectief van anderen te kunnen nemen. Professor Taylor voegt hieraan toe dat kinderen met dit soort vriendjes socialer en minder verlegen zijn dan andere kinderen. Daarnaast worden deze imaginaire vriendjes vaak gebruikt bij het leren omgaan met alledaagse problemen.

(Healthday)

Constante stroom gezondheidsnieuws houdt gezond

Nieuw onderzoek door de Universiteit in Alberta (Canada) laat zien dat het erg goed voor je is als je continu, elke dag, een e-mail bericht ontvangt waarin gezond gedrag gepromoot wordt.



Er wordt over het 12 weken durende onderzoek, dat ruim 2.500 Canadesen omvatte, bericht in het julinummer van het American Journal of Health Promotion.

De groep die de e-mails ontving liet een toename zien van de hoeveelheid lichaamsbeweging en bleef er vertrouwen in houden dat na afloop van het onderzoek men doorging met bewegen. Ze bleken veel beter op de hoogte van de voor- en nadelen van lichaamsbeweging en veranderingen in hun voedingspatroon. En dan bleek ook nog eens dat het vetpercentage van de groep die de e-mails ontving afgenomen was.

Bij de controlegroep, die de e-mail niet gekregen had, nam het vetpercentage in de loop van het onderzoek door de bank genomen zelfs een klein beetje toe.

Niet iedereen is het met de Canadese onderzoekers eens. Nederlandse voedingswetenschappers hebben zelfs gesproken over de mogelijkheid om de stroom gezondheidsnieuws in de media in te dammen, omdat de consument daardoor het spoor bijster raakt.

(Persbericht Universiteit van Alberta)