Burn-out nu aantoonbaar in de hersenen

Burn-out, één van de zogenaamde ongedifferentieerde somatoforme stoornissen, wordt gekenmerkt door klachten zoals vermoeidheid, hoofd- en nekpijn, prikkelbaarheid en concentratieproblemen. De klachten hangen meestal samen met langdurige overbelasting en spanningen in de werksituatie.
In een studie van de Radboud universiteit Nijmegen in samenwerking met HSK en Brainclinics Diagnostics, werden voor het eerst verschillen gevonden tussen het brein van patiënten met een burn-out en gezonde proefpersonen. Dit is bijzonder, want eerder was een burn-out niet objectief vast te stellen. Sommige burn-outklachten lijken op symptomen van een depressie of chronische vermoeidheid (CVS), wat voor onduidelijkheid zorgt. In sommige landen, waaronder Amerika, wordt de diagnose burn-out dan ook nog niet erkend.

De proefpersonen die aan de studie meewerkten, kregen diverse neuropsychologische en EEG-onderzoeken. Hieruit bleek onder andere dat mensen met een burn-out moeite hebben informatie automatisch te verwerken. Zij moeten dit dus bewuster doen, wat een grotere mentale inspanning vergt. Dit verklaart mogelijk de geestelijke vermoeidheid die bij burn-out patiënten veel voorkomt. De combinatie van de gevonden EEG-veranderingen is uniek voor burn-out, en vormt dus een objectieve maat voor het vaststellen hiervan.

De onderzoekers benadrukken dat dit een eerste onderzoek is, en dat verder onderzoek bij een groter aantal proefpersonen nodig is.

Bron: Radboud Universiteit Nijmegen

Eerste hulp bij heimwee

Hoeveel last een kind van heimwee heeft, hangt samen met eerdere ervaringen, persoonlijkheid en familiefactoren. Ook de manier waarop het kind tegen het verblijf ver van huis aan kijkt, is bepalend voor de mate van heimwee. Zo is de verwachting dat heimwee op zal treden vaak een self-fulfilling prophecy.
heimwee
Wat is heimwee eigenlijk precies? Het wordt in de Van Dale omschreven als “sterk verlangen naar geboortegrond, huis e.d.” Heimwee bestaat in gradaties, maar het kan leiden tot psychische nood en beperkingen in het functioneren. Het centrale kenmerk van heimwee is het voortdurend denken aan thuis, en alles wat met thuis te maken heeft. Het kan optreden als iemand van huis is, maar ook al voor vertrek.

Hoe is heimwee te voorkomen? Ten eerste is het van belang om kinderen te betrekken bij het voorbereiden van hun verblijf elders. Samen plannen maken en informatie zoeken over de nieuwe omgeving, zorgt voor een gevoel van controle. Ook kan het helpen van tevoren eens te praten over heimwee. Vertel dat het normaal is om je vertrouwde omgeving een beetje te missen. Dat is niet erg; het betekent gewoon dat er veel dingen zijn die je fijn vindt aan thuis. Als de heimwee te erg wordt, zijn er genoeg manieren om er zelf iets tegen te doen. Zo kan het helpen om leuke dingen te doen met andere kinderen, iets te doen om je dichter bij huis te voelen (bijvoorbeeld een foto bekijken of een brief naar huis schrijven), steun te zoeken bij anderen of te denken aan de positieve kanten van de situatie. Ook de gedachte dat je eigenlijk maar een korte tijd van huis bent, kan heimwee tegengaan. Bespreek deze manieren met het kind, en oefen ze zo nodig door van tevoren een generale repetitie te houden in de vorm van een logeerpartijtje.
Al vind je het zelf misschien ook spannend, het is van belang om als ouder vooral enthousiast en positief te zijn over de tijd die het kind elders door gaat brengen. Ambivalente of negatieve opmerkingen (“Ik hoop maar dat het allemaal goed gaat!”) kunnen bij kinderen leiden tot piekeren en uiteindelijk tot meer heimwee. Deel je eventuele zorgen dus liever met andere volwassenen.
Onderzoeken geven geen eenduidig antwoord op de vraag of het verstandig is om als ouder te bellen en te mailen met een kind dat gebukt gaat onder heimwee. De ervaring leert dat kinderen die een wat kortere tijd van huis zijn, beter niet met het thuisfront kunnen bellen. De heimwee kan hierdoor juist toenemen. Een brief schrijven is in dit geval een betere manier om contact te houden. Als een kind langer van huis is (bijvoorbeeld meer dan 4 weken), is het handig om afspraken te maken over wanneer er telefonisch contact is, of het kind per e-mail op de hoogte te houden van de thuissituatie.
De onderzoekers raden sterk af om met kinderen af te spreken dat ze opgehaald worden “als het echt niet gaat”. De kans op succes wordt hierdoor verkleind. Ouders die aan een goede afloop twijfelen en negatieve verwachtingen over het verblijf elders, zijn funest voor heimwee. Kinderen worden bovendien met een dergelijk “vluchtplan” niet gestimuleerd om zelf de moeilijke situatie te overwinnen en zo een positieve ervaring op te doen.

Pediatrics

Vader kan depressieve moeder compenseren

Het is al langer bekend dat kinderen van depressieve moeders een grotere kans hebben om gedragsproblemen te ontwikkelen. Maar er is hoopvol nieuws. Uit recent onderzoek is gebleken dat een betrokken houding van de vader de kans op problemen kan verkleinen.
null

Kinderen van depressieve moeders hebben bijvoorbeeld meer kans om agressief gedrag te vertonen of somber te worden. Ook kunnen ze last hebben van een gebrek aan zelfvertrouwen, een verstoorde relatie met andere kinderen, hechtingsproblemen en aandachtsstoornissen. In de literatuur is de rol van de vader in de ontwikkeling van het kind lang onderbelicht gebleven. Wat kan een vader doen om zijn kind te helpen als de moeder depressieve klachten heeft?

In de studie van Chang, Halpern en Kaufman (2007) werden 6552 kinderen van 3197 moeders 10 jaar lang gevolgd. Bij het begin van het onderoek waren de kinderen 0 tot 10 jaar oud.
De moeders werd gevraagd naar depressieve symptomen in de week voorafgaand aan het onderzoek. Ook vulden zij een vragenlijst in over eventuele gedragsproblemen van hun kind. De onderzoekers stelden de kinderen een aantal vragen over de band met hun vader. Ze wilden bijvoorbeeld weten of de vader met het kind praatte over belangrijke beslissingen en of hij bij een ruzie ook luisterde naar de mening van het kind. Ook werd gevraagd of de vader aanwezig was bij belangrijke gelegenheden, of hij wist waar het kind zich bevond als het niet thuis was en of vader en kind met elkaar van gedachten wisselden over belangrijke zaken. Ten slotte waren er vragen over hoe het kind zelf de relatie met zijn of haar vader beoordeelde en of hij genoeg tijd met hem of haar doorbracht.

De resultaten van het onderzoek lieten zien, dat de negatieve effecten van het opgroeien met een depressieve moeder, kunnen worden gecompenseerd door de betrokkenheid van de vader.

Archives of pediatric and adolescent medicine

Wat te doen bij klachten rond de menstruatie?

Het is een maandelijks terugkerend probleem voor veel vrouwen: klachten voor en tijdens de menstruatie. Naar schatting 40% van alle vrouwen in de vruchtbare leeftijd heeft premenstruele klachten die als hinderlijk worden ervaren bij dagelijkse activiteiten en in de omgang met anderen. Bij 5% van deze vrouwen zijn de klachten zelfs zo heftig, dat ze een ernstige beperking inhouden.  

PMS (premenstrueel syndroom) en haar ernstiger zusje PMDD (premenstrual dysphoric disorder) zijn verzamelnamen voor een groot aantal uiteenlopende symptomen. Deze kunnen op het lichamelijke of emotionele vlak liggen, maar ook op het gebied van het denk- en prestatievermogen. Stemmingswisselingen en hoofd-, buik- en rugpijn zijn veelgehoorde premenstruele klachten, maar ook concentratieproblemen en gevoelens van eenzaamheid, verwarring en gejaagdheid zijn enkele problemen die in het rijtje thuishoren. Overigens is er geen test om PMS of PMDD vast te stellen. Daarom moeten eerst andere psychische en lichamelijke stoornissen uitgesloten worden. Ook moet er een duidelijk verband zijn tussen de klachten en de menstruele cyclus.  

Om premenstruale klachten te verminderen, kunnen verschillende methoden gebruikt worden. Welke aanpak het best werkt, hangt af van de persoon en van de omstandigheden. PMS kan bijna altijd verminderd worden door een combinatie van factoren aan te pakken.   

Regelmatig bewegen kan een goed effect hebben op PMS. Minimaal 3 dagen per week zo’n 20 tot 30 minuten stevig bewegen wordt aanbevolen. Door te sporten worden endorfinen aangemaakt. Juist een verminderde aanmaak van endorfinen rond de menstruatie wordt als één van de mogelijke oorzaken van premenstruele klachten gezien, dus sporten is een prima manier om het tekort aan te vullen. 

Veranderingen in het eetpatroon kunnen ook een belangrijke bijdrage leveren aan het verminderen van problemen rond de menstruatie. Gezond eten – dus niet te veel zout, simpele koolhydraten en vet – kan natuurlijk nooit kwaad, maar lijkt ook te leiden tot minder PMS klachten. Het probleem is, dat veel vrouwen juist rond de menstruatie veel zin hebben om te snoepen. Toch is het beter om dit zoveel mogelijk te beperken: te veel snacks eten, kan leiden tot stemmingswisselingen, vermoeidheid en een opgeblazen gevoel. 

Een mogelijke oorzaak van problemen rond de menstruatie is een tekort aan magnesium, mangaan, de vitamines B, E en F (linolzuur) en calcium. Het aanvullen van deze tekorten, bijvoorbeeld door het slikken van een multivitamine, kan een goed effect hebben. Voedingsmiddelen die het gehalte van het aminozuur tryptofaan verhogen, zoals zuivel, vlees, pinda’s en bananen, kunnen specifiek helpen bij stemmingswisselingen. 

Als veranderingen in leefpatroon geen effect hebben op de klachten, zijn er nog een aantal andere mogelijkheden. Zo kan de anti-conceptiepil uitkomst bieden. Er is nog niet genoeg onderzoek gedaan naar de effectiviteit van de verschillende merken orale anticonceptie. Soms moeten er dus verschillende merken uitgeprobeerd worden.

Ook antidepressiva worden wel eens voorgeschreven. Het gaat hierbij dan vooral om de zogenaamde SSRI’s (selective serotonin reuptake inhibitors). Uit onderzoek is gebleken dat SSRI’s effectiever premenstruele klachten verminderen en minder bijwerkingen veroorzaken dan andere soorten antidepressiva.

Ten slotte wordt cognitieve gedragstherapie aangeraden voor vrouwen met ernstige klachten, die het zelfvertrouwen en het prestatievermogen aanzienlijk verminderen. Door cognitieve herstructurering, het vergroten van het probleemoplossend vermogen en de assertiviteit, werd voor ten minste enkele maanden een afname van klachten aangetoond.
JANICE E. DAUGHERTY, M.D. (July, 1998) “Treatment Strategies for Premenstrual Syndrome”  American Family Physician Vol. 58/No. 1

Extra ijzer bij ADHD

Kinderen met een aandachtstekortstoornis met overbeweeglijkheid (ADHD) kunnen baat hebben bij aanvullende ijzersuppletie.

Franse onderzoekers ontdekten dat bij kinderen met vastgestelde ADHD de ferritinespiegels tweemaal lager waren dan bij hun gezonde leeftijdsgenoten, terwijl bekend is dat er een verband is tussen ferritine en dopamine in de hersenen.

Orthomoleculaire artsen hebben wel vaker gezegd dat tekorten aan micronutriënten, zoals ijzer en ook vitamine A en jodium, tot gedragsveranderingen leidt.

(Archives of Pediatrics and Adolescent Medicine, december 2004)