Naar aanleiding van het item over angst voor overgeven (vorige week) is er een vraag binnengekomen over dwanggedachten en obsessies.


Dwanggedachten liggen dicht tegen fobieën aan, maar het gaat toch om wat anders. Ze gaan verder, grijpen nog dieper in iemands leven in.

Bij een fobie kun je datgene waarvoor je bang bent uit de weg gaan. Als je hoogtevrees hebt, blijf je beneden.

Maar iemand met een dwangneurose kan de obsessieve gedachte niet ontvluchten. Die kan altijd bij hem opkomen, volledig onvrijwillig.



Het begin

Dwanghandelingen beginnen met het krijgen van een onzinnige dwanggedachte over iets wat men niet wil en wat angst geeft. Bijvoorbeeld de gedachte een ander te willen doden. Dat doet die mensen dan niet, maar ze doen wel iets anders. Bijvoorbeeld alle messen goed opbergen. Dat is de dwanghandeling, die er op volgt.

Dwanghandelingen zijn steeds herhaalde gedragingen (bijvoorbeeld controleren, wassen, schoonmaken en ordenen) die men uitvoert om minder angstig en onrustig te worden.

Soms kunnen de dwanghandelingen uren in beslag nemen.





Meest voorkomende vormen

Smetvrees (bang besmet te raken door viezigheid) komt het meest

vaak voor. Sommigen gooien na éénmalig gebruik het stuk zeep weg, uit angst dat er vuil op achter is gebleven. Men eist vaak dat het hele gezin zich onderwerpt aan allerlei reinigingsrituelen. Het gezinsleven kan totaal ontregeld raken.

Dan is er ook de groep van ‘controleurs’, die het niet loslaat dat er vreselijke dingen gebeuren als ze niet eindeloos nagaan of het gas uit is, de deur op slot of het licht uit. Het blijft niet bij 1 x checken.

Er is ook seksuele obsessie. Opeens de gedachte krijgen dat de ander zich ontkleedt of dat je met de ander naar bed moet.



We weten vaak niet wie het hebben

Mensen die eraan lijden, halen de vreemdste dingen uit terwijl ze weten dat die onzinnig zijn. Dingen waar men domweg geen weerstand tegen kan bieden. Op de lange duur zijn de dwanghandelingen niet meer met het werk te combineren.

Vaak zoekt men pas hulp als de problemen enorm geëscaleerd zijn. Mensen met de stoornis verbergen het, omdat ze beseffen dat hun gedragingen afwijkend zijn. Ze zijn bang om voor gek te worden versleten.



De aantallen

Als je kijkt naar uitslagen van onderzoeken, zou één op de 50 mensen aan de ziekte lijden. Maar iedereen heeft er wel iets van. Veel kinderen hebben weleens dat ze niet op de lijntjes tussen de stoeptegels mogen lopen. Dat gaat meestal vanzelf over.

Het wordt pas ernstig als wat je doet om de nare gedachten kwijt te raken veel tijd vraagt, als er meer dan één uur per dag last van hebt.



Oorzaak?

Er is nu bekend de oorzaak te maken heeft met een probleem in de hersenen. Het heeft niets te maken met de opvoeding of wel of niet een slechte jeugd hebben gehad.

In sommige gevallen is de streptokok-bacterie de boosdoener. Er zijn aanwijzingen dat er bij een aantal patiënten met dwanghandelingen in het verleden sprake is geweest van een infectie met complicaties. De symptomen kunnen zich openbaren na een acute infectie met die kiem via een aanval van het zogeheten auto-immuun antilichaam op een gedeelte van de hersenen, de nucleus caudatus.

Net zoals bij ADHD tonen PET-scans aan waar de hersenen slecht functioneren: in het frontale deel van de grote hersenen (het gebied net boven de ogen) en in de nucleus caudatus, diep in het midden van de hersenen.

Het deel van de grote hersenen dat hier wordt bedoeld ligt precies onder het gebied dat PET-scans aanduiden als het gebied dat verstoord is bij mensen met ADHD. Bij veel mensen met dwanggedachten blijken ook functies als aandacht en geheugen niet optimaal. In andere gebieden van de hersenen een hogere activiteit kan worden gemeten (zie foto). Er wordt hiernaar onderzoek gedaan door het Academisch Ziekenhuis in Utrecht.



Soms ontstaat een dwangneurose als het gevolg van een traumatische ervaring, die ertoe leidt dat mensen uit angst voor herhaling bepaalde handelingen in het vervolg extra goed controleren. In de meeste gevallen is het echter een sluipend proces.



En de remedie?

De behandeling komt erop neer dat je hulp moet zoeken bij mensen die daarvoor deskundig zijn. Via de huisarts.

Precies datgene doen wat de meeste angst inboezemt is de beste remedie tegen de dwang.

Gedragstherapie kan heel succesvol zijn. Die komt er op neer dat men leert ontdekken dat de gevreesde negatieve gevolgen uitblijven, ook zonder dwanghandelingen.

Stap voor stap proberen de gedragstherapeuten de persoon bloot te stellen aan de situatie waar hij bang voor is. In overleg met de patiënt worden grenzen gesteld aan het aantal keer dat een dwanghandeling mag worden uitgevoerd.

Soms wordt een harde methode gebruikt. Direct moeten de patiënten doen waar ze bang voor zijn. Ze worden bijvoorbeeld gedwongen hun handen vies te maken in een asbak.

Vooral de combinatie van medicijnen met gedragstherapie lijkt de meest aangewezen behandeling van obsessief-compulsieve stoornissen.

Er zijn artsen die de patiënten kalmerende middelen geven of medicijnen met een antidepressieve werking. Antidepressiva werken bij ongeveer de helft van de patiënten met dwangklachten. Deze medicijnen beïnvloeden een bepaalde stof in de hersenen, namelijk serotonine.

Vroeger werden ook in ons land patiënten geopereerd. Er werden zelfs delen van de hersenen werden weggebrand.



Er zijn gespecialiseerde instellingen waar mensen die aan dwangneurose lijden worden behandeld, maar ambulante behandeling werkt vaak het best.

80% van patiënten geneest volledig of knapt op, zodat ze er mee kunnen leven.



Meer informatie: Fobieclub Nederland, postbus 209, 3970 AE te Driebergen, tel. 0900-2008711 (9.00-13.00 uur).