Een mens liegt gemiddeld zo’n twee keer per dag. De meeste leugens worden nooit herkend en gewoon voor waar aangenomen. Maar in situaties waarin er veel op het spel staat, doen we ons uiterste best om leugen van de waarheid te onderscheiden. Lichaamstaal spreekt boekdelen, is hierbij de populaire gedachte. Is dat wel zo?

Rechercheurs en rechters stellen vaak een te groot vertrouwen in hun vaardigheid om leugens te herkennen. Dat vindt forensisch psycholoog Stephen Porter. Populaire ideeën over het verband tussen non-verbale signalen en het verbergen van de waarheid zijn vaak compleet ongegrond. Een serieuze kwestie, want voor je het weet, zitten onschuldige mensen in de cel en komen misdadigers op vrije voeten.
Samen met zijn collega Leanne ten Brinke analyseert Porter video-opnames van veroordeelde moordenaars die voorafgaand aan de rechtszaak beweerden onschuldig te zijn. Door de gezichtsexpressies, de houding, en uitingen van de leugenaars beeld voor beeld te bestuderen, hopen ze een methode van leugendetectie te ontwikkelen die recht doet aan de kunst van het liegen.

Er zijn tal van technieken waarvan geclaimd wordt dat ze leugenaars kunnen ontmaskeren. Niet alleen de polygraaf maar ook hersenscans worden ingezet als leugendetectors.
In deel twee van Labyrint onthullen sociaalpsychologen Bruno Verschuere en Ewout Meijer de valkuilen van deze technieken. Ze pleiten voor een compleet andere aanpak om de waarheid boven tafel te krijgen: geheugendetectie. Met deze methode wordt de kans dat een onschuldige in de cel belandt vrijwel nihil.

Op woensdag 5 oktober om 20.50 uur op Nederland 2 kijk je naar een aflevering van Labyrint over goede leugenaars en slechte leugendetectoren.
Na de uitzending kun je doorpraten met wetenschappers in de wekelijkse Labyrint napraatsessie. Kijk mee op de site en stel je vragen via Twitter: www.labyrint.nl.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Copyright © 2016 Frank Ruiters & Juglen Zwaan