Kinderen zijn meer geneigd valse herinneringen te ontwikkelingen over een fictieve negatieve gebeurtenis dan over een fictieve neutrale gebeurtenis. Dat concludeert onderzoek van Henry Otgaar in zijn promotieonderzoek.
Volgens deze onderzoeker zijn resultaten van zijn onderzoek van groot belang voor rechtszaken waarin kinderen gehoord worden. Die gaan immers vaak over negatieve gebeurtenissen.
Hij vertelde kinderen van 7 jaar een onwaar verhaal dat een negatieve en een neutrale gebeurtenis beschreef. De negatieve gebeurtenis ging over het beschuldigd worden van afkijken en de neutrale over verhuizing naar een andere klas. De kinderen bleken de gebeurtenis over de beschuldiging aanmerkelijk beter te onthouden.
Verder bleek uit het dat kinderen zich verzonnen gebeurtenissen gaan herinneren door suggestieve interviewtechnieken. De kans op onjuiste herinneringen neemt toe als kinderen veel kennis over de gebeurtenissen hebben.
(Universiteit Maastricht)



