Angstige of depressieve kinderen hebben een tweemaal zo hoge kans op angstproblemen en depressies op latere leeftijd. Dat blijkt uit onderzoek van Joni Reef, waarop zij op 21 mei promoveert.
Het onderzoek is gebaseerd op gegevens uit een langlopend bevolkingsonderzoek naar de ontwikkeling van gedragsproblemen en emotionele problemen vanaf de kindertijd tot in de volwassenheid, dat is gestart in 1983. Reef onderzocht of de kinderen van toen met gedragsproblemen of emotionele problemen, nog steeds met problemen kampen.
Reef concludeert dat kinderen met reactief antisociaal gedrag, ofwel ongehoorzame en driftige kinderen, vaak last hebben van angst of depressies op latere leeftijd. Kinderen die uit eigen beweging antisociaal zijn en bijvoorbeeld liegen, vandalistisch zijn of stelen, lopen kans als volwassene te ontsporen.

Ervaringen in de vroege kinderjaren hebben langdurende effecten, zo blijkt uit het langlopende onderzoek naar kenmerken van een depressie bij ruim 100 21-jarigen. Deze groep werd gevolgd vanaf het vijfde levensjaar. Van een deel van deze groep was bekend dat ze in een kinderdagverblijf waren geweest. De onderzoekers beoordeelden in die tijd aan de hand van een scoringssysteem hoe het gesteld was met het kinderdagverblijf. Daarmee werd de kwaliteit in beeld gebracht door bijvoorbeeld na te gaan of er veel wisselingen waren geweest in de begeleiders en wat de manier van stimuleren van de ontwikkeling was.
Amerikaanse wetenschappers kwamen hierachter door een onderzoek te doen bij 740 ouderen in Seattle. Bij mannen die in voetgangersvriendelijke wijken woonden kwamen minder kenmerken van depressie voor dan bij mannen uit drukkere wijken. Er is in de statistische analyse rekening gehouden met andere risicofactoren, zoals inkomen en gezondheid. Opmerkelijk is dat het gevonden verband tussen de woonwijk en depressie niet opgaat voor vrouwen.
Kritische beoordeling van 37 recente dubbel-blind onderzoeken waarin in totaal bijna 5.000 patiënten betrokken waren, bevestigt het volgende over Sint Janskruid of Hypericum:
Er zijn nu meerdere studies die laten zien dat supplementen met visolie een gunstige werking hebben. Naast verlaging van de kans op hart- en vaatziekten en artritis is er ook bewijs dat de omega-3-vetzuren in vette vis depressie tegengaan.
In een Nederlands onderzoek in 2003 vergeleek men 264 personen van 60 jaar en ouder die leden aan depressies met 461 mensen zonder symptomen van depressiviteit. Voor mensen bij wie geen aderverkalking was vastgesteld gold (net zoals in de recete rattenstudie) dat depressieve personen een hoger gehalte omega-6 vetzuren t.o.v. omega-3 vetzuren hadden dan niet depressieve personen en lagere gehaltes omega-3 vetzuren.
Bij het onderzoek werden 120 volwassenen betrokken, die na een zelfmoordpoging in het ziekenhuis waren onderzocht. Zij werden willekeurig over twee groepen verdeeld. De ene groep kreeg gedurende 10 sessies cognitieve therapie (CT-groep). Hierbij werd aandacht besteed aan de gedachten, ideeën en overtuigingen die vooraf gingen aan de zelfmoordpoging. Vervolgens leerden de deelnemers strategieën te gaan gebruiken om stressfactoren, die een volgende zelfmoordpoging zouden kunnen uitlokken, beter het hoofd te kunnen bieden. De tweede groep kreeg de ‚Äòstandaard’ zorg, waarbij er contact gehouden wordt met de patiënt en er eventueel een doorverwijzing plaatsvindt (SZ-groep).
In totaal werden 217 depressieve patiënten (104 vrouwen en 113 mannen) benaderd voor onderzoek door middel van vragenlijsten. Bij geen van hen was er sprake van andere psychiatrische stoornissen. Wel waren ze allemaal binnen de muren van een instelling behandeld voor hun depressie en kort voor het onderzoek uit het psychiatrisch ziekenhuis ontslagen.
Ze merkten dat patiënten met een milde tot behoorlijke vorm van depressie opknapten van het zwemmen en spelen met dolfijnen. Ze hadden meer verlichting van hun klachten dan een controlegroep die alleen maar actief was in het water, dus zonder aanwezigheid van dolfijnen. De gunstige effecten hielden tot minstens drie maanden aan.
Seizoensgebonden depressie wordt veroorzaakt door grote gevoeligheid voor melatonine. Dit is het hormoon dat het lichaam aanmaakt tijdens de nachtelijke uren, waardoor de slaap mogelijk wordt.
Onderzoekers baseren de uitspraak in de kop op een uitgebreid vragenlijstonderzoek onder 2.032 adolescenten die allemaal te vroeg geboren waren of een benedengemiddeld geboortegewicht hadden. Ze constateerden dat de kans op depressie in deze leeftijdsfase vele malen hoger is dan bij kinderen die na 9 maanden zwangerschap geboren worden.
Rebecca Johnson, die hoogleraar is aan de Universiteit van Missouri bestudeerde mensen in de leeftijd van 19 tot 73 jaar. Een aantal daarvan was eigenaar van een hond. Elke proefpersoon werd gevraagd om een x-aantal minuten met hun hond te spelen of met een robothondje. Tegelijkertijd bepaalden de onderzoekers wat er op biochemisch niveau plaatsvond. Niet alleen steeg het serotonine bij de mensen de de tijd besteden aan hun eigen hondje, maar ook
Als je last hebt van depressieve gevoelens en neerslachtigheid kun je baat hebben bij het beoefenen van yoga. Amy Weintraub geeft praktische richtlijnen voor het omgaan met en het verlichten van een depressie door middel van yoga. Het boek
Op (jong)volwassen leeftijd komt depressie vaker voor bij mensen die er tijdens de puberteit toe neigden hun problemen op te kroppen.
Wetenschappers hebben ontdekt dat depressieve mensen beter op een behandeling reageren wanneer zij hogere doseringen vitamine B12 in hun bloed hebben.
Artsen moeten voorzichtig zijn met het voorschrijven van moderne antidepressiva aan kinderen vindt het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen, naar aanleiding van maatregelen in Engeland.